Inspiration for Autumn Forests

Read in Dutch

This series of paintings is inspired by the childrens book “Ronja the Robbers daughter” by Astrid Lindgren. Her descriptions about childish astonishment and wonder about what nature has to offer, inspired the artist.

“Ronja wandered through the woods as always. It was very quiet there now, but she also liked it in the fall. The soft moss was green and damp under her bare feet, it smelled of autumn everywhere, and the branches of the trees glistened. It often rained. Ronja loved to huddle under a dense spruce and listen to the soft trickle. Sometimes the rain poured down so hard it made the forest hiss and she loved that too. Many animals were not to be seen. Her foxes stayed in their dens. But sometimes she could see moose emerging at dusk and wild horses grazing in the trees. […]

Furthermore, the forest was deserted in the fall. All creatures that used to live there were gone. They had, of course, crept deep into their burrows and hiding places. […]

It was a sunny morning and they felt as free as birds. It was as if it had only just now dawned on them. […]

They sat by their fire as the sun rose higher and higher, the river roared beneath them and the forest slowly awakened. The treetops swayed gently in the morning wind, here and there a cuckoo called, somewhere nearby a woodpecker tapped the trunk of a pine, and across the river a family of moose emerged from the woods. And the two of them took it all in. Ronja and Birk felt that the river and the forest and everything that lived there belonged to them. […]

The sky grew clearer and cooler. Some cold nights came and suddenly a birch above the river had yellow leaves in its top. Sitting by their fire early one morning, they saw it, but neither of them said anything about it. Wonderful days followed. They could look out over the green forests for miles, but now they discovered more and more yellow and red among all the green. It wasn’t long before the whole mountainside below them seemed a blaze of red and gold. They sat by their fire and both liked it, but they said nothing about it. […]

Summer passed slowly. The autumn rains announced themselves and soon proved so persistent that even Ronja could not stand them anymore, although she otherwise loved rain. […]

Finally it stopped raining. Instead, storms raged over the forest. Pines and spruces were torn from the ground, roots and all, and birch leaves flew through the air. Their golden glow was gone, and the slope above the river was now nothing but naked trees, swaying pitifully in the strong wind. […]”

From ‘Ronja the Robber’s daughter‘ by Astrid Lindgren

Read in English

Deze serie schilderijen is geinspireerd door het kinderboek “Ronja de roversdochter” van Astrid Lindgren. Haar beschrijvingen over kinderlijke verbazing en verwondering over wat de natuur te bieden heeft, inspireerden de kunstenaar.

“Ronja zwierf zoals altijd door het bos. Het was daar nu heel stil, maar ook in de herfst vond ze het er fijn. Het zachte mos was groen en vochtig onder haar blote voeten, het rook overal naar najaar en de takken van de bomen glinsterden. Het regende vaak. Ronja hield ervan in elkaar gekropen onder een dichte spar te zitten en naar het zachte druppelen te luisteren. Soms plensde de regen zo hard neer dat het bos ervan suisde en ook daar hield ze van. Veel dieren waren er niet te zien. Haar vossen bleven in hun hol. Maar soms zag ze in de schemering elanden tevoorschijn komen en wilde paarden die tussen de bomen liepen te grazen. […]

Verder lag het bos er verlaten bij in de herfst. Alle wezens die daar anders huisden waren verdwenen. Ze waren natuurlijk diep in hun holen en schuilplaatsen gekropen. […]

It was a sunny morning and they felt as free as birds. It was as if it had only just now dawned on them. […]

Het was een zonnige morgen en ze voelden zich zo vrij als vogels. Het was alsof dat pas op dit ogenblik goed tot hen doordrong. […]

Ze bleven bij hun vuur zitten terwijl de zon steeds hoger steeg, de rivier onder hen bruiste en het bos langzaam ontwaakte. De boomtoppen bewogen zachtjes in de ochtendwind, hier en daar riep een koekoek, ergens in de buurt zat een specht tegen de stam van een den te tikken en aan de overkant van de rivier kwam een elandenfamilie uit het bos tevoorschijn. En met zijn tweeën namen ze dit alles in zich op. Ronja en Birk hadden het gevoel dat de rivier en het bos met alles wat daar leefde van hen was. […]

De lucht werd helderder en koeler. Er kwamen en paar koude nachten en plotseling had een berk boven de rivier gele blaadjes in zijn top. Toen ze op een vroege morgen bij hun vuur zaten, zagen ze het, maar geen van beiden zeiden ze er iets over.

Er volgden nog prachtige dagen. Ze konden mijlenver over de groene bossen uitkijken maar ontdekten nu steeds meer geel en rood tussen al het groen. Het duurde dan ook niet lang of de hele berghelling onder hen leek een vlammenzee van rood en goud. Ze zaten bij hun vuur en vonden het allebei mooi, maar ze zeiden er niets van. […]

Finally it stopped raining. Instead, storms raged over the forest. Pines and spruces were torn from the ground, roots and all, and birch leaves flew through the air. Their golden glow was gone, and the slope above the river was now nothing but naked trees, swaying pitifully in the strong wind. […]”

Langzaam was de zomer voorbij gegaan. De herfstregens kondigden zich aan en bleken algauw zo hardnekkig dat zelfs Ronja er niet meer tegen kon, hoewel ze anders best van regen hield. […]

Het hield tenslotte op met regenen. In plaats daarvan kwamen er stormen die boven het bos tekeer gingen. Dennen en sparren werden met wortels en al uit de grond gerukt en de berkenblaadjes vlogen door de lucht. Weg was hun gouden glans en op de helling boven de rivier stonden nu alleen nog maar naakte bomen zielig te zwaaien in de harde wind. […]”

Uit ‘Ronja de Roversdochter‘ van Astrid Lindgren

Visits: 0

Did you like this? Share it!